Op de eerste verdieping van de dienst endocrinologie vind je het één jaar jonge Gendercentrum. Het multidisciplinaire team groeide de voorbije jaren geleidelijk uit om totaalzorg te kunnen bieden aan mensen met genderincongruentie: een gevoel van ongemak of ontevredenheid dat iemand kan ervaren als de genderidentiteit niet overeenkomt met het toegewezen geslacht bij de geboorte. Dr. Jolijn Van Cauwenberghe, endocrinoloog en coördinerend arts van het centrum vertelt: ‘We merken dat heel veel mensen op zoek zijn naar ondersteuning. Iedereen die worstelt met genderincongruentie – of die nu al stappen ondernomen heeft, of niet – kan bij ons terecht.’
De aanmelding gebeurt bij medisch secretaresse Melissa De Decker. ‘Wekelijks krijgen we vijf à tien nieuwe aanmeldingen. We zien vaak mensen tussen 17,5 en 25 jaar.’ De Decker luistert en verwijst door naar haar collega’s. Mensen die nog niet aan hun traject begonnen zijn, worden eerst begeleid door Femke Pouliart, de psychologe en seksuologe.
Bezorgde ouders
Een verkennend gesprek is bij haar stap één. ‘Iedereen heeft een ander verhaal. In welke situatie zit de persoon, is er sprake van genderincongruentie, en is er voldoende
steun uit de omgeving?’, vertelt Pouliart. Zo bouwt ze samen met de cliënt een traject uit.
We helpen graag mee met het versterken van een steunnetwerk.
Omdat er veel jongvolwassenen langskomen, gaat er ook aandacht naar de relatie met de ouders. ‘Een paar maanden terug begeleidde ik een transjongen bij wie het thuis heel moeilijk ging, en waar de ouders eerst tegen het traject waren’, vertelt Pouliart. ‘Ik heb de ouders uitgenodigd om mee te komen praten. Uiteindelijk bleek dat ze gewoon heel bezorgd waren, onder andere door misvattingen. Dat ze elkaar terug hoorden en probeerden te begrijpen, hielp enorm.’
Hormoontherapie is – na een uitgebreid psychologisch traject – de belangrijkste reden waarom mensen hier aankloppen. Maar er zijn nog veel andere vormen van ondersteuning. Case manager en verpleegkundige Laura Jacob bespreekt met cliënten niet-medische opties om zich beter in hun lichaam te voelen. ‘Met transmannen ga ik bijvoorbeeld het gesprek aan over binders: een kledingstuk dat een plattere borstkas creëert. Omgekeerd raad ik transvrouwen aan om al eens te experimenteren met borstprotheses om te kijken hoe dat voelt’, vertelt ze. Ze verwijst ook door naar logopedisten en schoonheidsspecialisten. ‘De stem is heel belangrijk. Sommige mensen worden misgenderd wanneer ze telefonisch worden aangesproken met het verkeerde gender’, aldus Jacob. ‘Permanente ontharing – via laser of elektrolyse – is ook een oplossing om hun uiterlijk beter te laten aansluiten bij wie ze zijn. Ik zoek met hen naar zorgverleners in hun buurt die er ervaring mee hebben.’ De totaalzorg heeft een sterk multidisciplinair karakter. ‘We werken ook nauw samen met fertiliteit, psychiatrie en gynaecologie’, vertelt Jolijn Van Cauwenberghe. ‘En met onze chirurgische afdeling voor onder andere reconstructieve heelkunde. Voor genitale chirurgie kunnen we rechtstreeks doorverwijzen naar Vitaz in Sint-Niklaas.’
Case manager en verpleegkundige Laura Jacob bespreekt met cliënten niet-medische opties zoals binders of borstprotheses om zich beter in hun lichaam te voelen.
Therapie in alle veiligheid
Eenmaal de hormoontherapie loopt en het lichaam verandert, geven de meeste cliënten aan dat ze zich beter voelen. Al kan dat terug omslaan. ‘Daarom is het belangrijk dat wij als team regelmatig samenzitten, en dat de psychologische hulp blijft doorlopen’, aldus dr. Van Cauwenberghe. Ze ziet de laatste tijd ook meer cliënten met angstgevoelens door het two gender policy in de Verenigde Staten. ‘Wat opvalt, is dat veel cliënten bang zijn dat ze in de toekomst ook in Europa geen hormoonbehandeling meer kunnen krijgen. In de VS wordt bepaalde medicatie niet meer terugbetaald en zijn verschillende centra gesloten.’ Met als gevolg dat ze steeds meer mensen ziet die online naar medicatie en schema’s zoeken, en zichzelf behandelen. ‘Als mens begrijp ik dat. Er zijn wachtlijsten, en dat samen met die angst dat je misschien nooit de juiste hormonen zal krijgen … Daarom ga ik daar als arts heel open mee om. Ik praat erover, zonder te oordelen, en tegelijk benadruk ik het belang om je te laten begeleiden. Als team willen we dat mensen zich veilig voelen, en dat ze ons kunnen vertrouwen.’
Nauw samenhangend met een ander gender, is een nieuwe naam en identiteit. Daarvoor kunnen mensen terecht bij sociaal werker Wout Van Hoof die hen helpt bij de aanvraagprocedure. Hiernaast ondersteunt hij ook bij financiële administratie, en gaat er veel aandacht naar het helpen doorbreken van sociaal isolement. ‘Vaak komen hier 18- tot 20-jarigen die alleen zijn. En hoewel praten soms stroef gaat in het begin, voelen mensen zich gaandeweg meestal comfortabeler. Je merkt dat aan de lichaamstaal, dat die voor je zitten, dat die zich zelfzekerder voelen’, vertelt psychologe Femke Pouliart. ‘In het begin kunnen we soms enkel communiceren met ‘ja’ of ‘nee’. Het is zo fijn om te zien dat dat evolueert.’
Praten met steunfiguren
Om sociale steun te bevorderen, ging het team aan de slag met enkele projecten. Ze richtten een besloten online groep op. ‘Zo kunnen cliënten die daar nood aan
hebben elkaar leren kennen en op een manier met elkaar praten’, vertelt psychologe Pouliart. Daarnaast werken ze aan een buddyproject waarbij cliënten mekaar kunnen versterken als steunnetwerk. ‘We merken vaak dat meer steunfiguren welkom zouden zijn, en het niet altijd makkelijk is om daarnaar op zoek te gaan’, vervolgt Pouliart. ‘Als wij hen daarmee kunnen helpen, doen we dat graag.’




