'Voor ons is het een wonder'

Vandaag is Mona een vrolijke peuter. Op het eerste gezicht laat niets nog vermoeden dat haar leven bij haar geboorte aan een zijden draadje hing. Twee weken lang leefden haar ouders tussen angst en vrees op de afdeling intensieve neonatale zorg.

Martine en haar man hadden al een zoontje van drie toen ze in april vorig jaar een dochtertje verwachtten. ‘Het was een probleemloze zwangerschap’, herinnert Martine zich. Dat sloeg echter abrupt om toen de harttonen van het kindje tijdens de arbeid wegvielen. Mona moest met spoed ter wereld gebracht worden.

‘Toen ik wakker werd uit de narcose ben ik snel naar neonatale gebracht’, vertelt Martine. ‘Na de geboorte hadden ze Mona moeten reanimeren en vertoonde ze weinig hersenactiviteit. Ik herinner mij dat ze heel wild met haar armpjes en beentjes sloeg. De dokters besloten haar te verdoven en te koelen in de hoop de hersenschade te beperken. Dat gebeurt aan de hand van een pakje waar een vloeistof met een temperatuur van 33° C doorheen loopt. Op dat moment besef je niet echt wat er gebeurt, maar de artsen gaven ons weinig hoop.’

Voorbereid op het ergste

‘Drie dagen lang werd ze gekoeld. Pas daarna mocht ik haar voor het eerst vasthouden. Tegelijk bereidden de artsen ons voor op het ergste. Ze wilden met ons praten over welke levenskwaliteit we aanvaardbaar vonden voor ons kind. Het enige wat je op dat moment zelf wilt, is je kind mee naar huis nemen, met of zonder handicap.’

‘Het keerpunt kwam er na bijna twee weken. Dr. Laroche bekeek de scans en vond dat de schade toch nog meeviel. We konden het bijna niet geloven. Het koelen zal wellicht een gunstig effect gehad hebben, en voor de rest was het een wonder. Drie weken na haar geboorte kregen we Mona mee naar huis, met de waarschuwing dat ze mentale en motorische achterstand zou hebben. Maar dat maakte voor ons niet meer uit.’

Vraagtekens voor de toekomst

‘We zijn heel goed opgevangen op de afdeling intensieve neonatale zorg. We vonden daar rust, ook al is er voortdurend beweging en gepiep van monitoren. We zaten er van ’s morgens tot ’s avonds. Je bouwt echt een band op met de vaste verpleegkundigen en je voelt je begrepen. Na een week ben ik zelf naar huis gegaan, vooral voor ons zoontje, maar het eerste werk ’s morgens en het laatste ’s avonds was bellen naar neonatale. Die geluidjes op de achtergrond stelden ons gerust.’

‘Eens thuis werd Mona heel nauw opgevolgd. Ze ontwikkelt zich supergoed, maar toch blijven er vraagtekens voor de toekomst. Zo heeft ze nog altijd kinesitherapie nodig. Haar eerste verjaardag was wel een mijlpaal voor ons. We hadden een jaar constant met schrik geleefd en wilden echt een nieuwe start maken. Maar dat koelpakje bewaar ik. Omdat ze het drie dagen lang heeft aangehad in een heel onzekere periode. En de mensen van de afdeling zullen voor ons altijd een belangrijke betekenis hebben.’

Bron: maguza.be