De man met het plan

Als hoofd van de technische dienst coördineert Dirk De Man de bouwwerken in en rond het UZA. ‘Ik vind het fijn dat ik elke dag het resultaat van mijn werk kan zien. Boeiend is ook dat het UZA steeds de nieuwste medische technieken in gebruik neemt. Dat is voor ons telkens weer een uitdaging.’

Dirk De Man is van opleiding industrieel ingenieur bouwkunde en werkt intussen vijftien jaar in het UZA. ‘Toen ik begon, stonden de ziekenhuisgebouwen hier nog maar vijftien jaar. We moesten dus vooral onderhouden wat er was.’ Geleidelijk aan veranderden de comforteisen – men wilde meer eenpersoonskamers bijvoorbeeld. ‘Intussen hebben we zes verpleegafdelingen grondig gerenoveerd.’

Niet breken of boren

Zo’n afdeling wordt volledig afgebroken en heropgebouwd, maar moet intussen wel blijven draaien. ‘Eenvoudig is dat niet. De afdeling zelf kun je ergens anders onderbrengen, maar ook op de verdiepingen erboven en eronder – waar de leidingen liggen – moeten we werken. We proberen de hinder voor de patiënten zoveel mogelijk te beperken. In onze lastenboeken leggen we de aannemers daarom beperkingen op: tussen 12 en 2 niet breken of boren, niet voor half 8 ’s morgens beginnen … Ze moeten natuurlijk wel nog kunnen werken. We proberen de patiënten ook goed te informeren, en meestal tonen ze wel begrip.’

Omdat er een nijpend ruimtekort is in het UZA, wordt er de laatste jaren ook bijgebouwd, tot zelfs bovenop het gebouw. ‘Eerst konden we her en der nog extra ruimte creëren, door in brede gangen lokalen te maken en kelders in gebruik te nemen.’ Toen werkelijk alles benut was, werd er langs alle kanten bijgebouwd: het medisch archief, het restaurant, technische gebouwen, een bijkomende lift, de commerciële ruimte in de inkomhal, de spoed enzovoort. Het klapstuk wordt het nieuwe gebouw waar het moeder- en kindcentrum wordt ondergebracht. Het ontwerp daarvan is volop bezig. ‘Die nieuwe vleugel heeft een oppervlakte van 11.000 m2. Zo krijgt het UZA er tegen 2014 in één klap een goeie 10% extra ruimte bij.’

Stress

Dirk De Man begint zijn werkdag tussen 7 en half 8. Als het mee zit, vertrekt hij 12 uur later terug naar huis. ‘Het is een complexe job, maar ik heb gelukkig een goed team. Een aantal deeltaken geef ik door aan projectleiders. Zo is er iemand die zich specifiek bezighoudt met de technieken, zoals klimatisering, elektriciteit, de cyclotron … Heel ingewikkelde, maar boeiende materie. Het team uitbouwen en blijven motiveren is ook een belangrijke taak. Want het geeft pas echt stress als er iemand weggaat.’

Het werk van Dirk De Man bestaat voor een groot deel uit coördineren en vergaderen. ‘Met de verpleging en de geneesheren, met studiebureaus, architecten … Eens de beslissingen genomen zijn, laat ik de uitvoering van een project grotendeels over aan mijn medewerkers. Ze kunnen natuurlijk wel op mij een beroep doen.’ Ook met externe betrokkenen wordt er overlegd. ‘Over de nieuwe toegang tot het ziekenhuis bijvoorbeeld hebben we overlegd met de gemeente, het Vlaamse Gewest, de buren, de actiecomités, De Lijn … Zoiets is niet altijd eenvoudig. Daarom heeft het ook zeven jaar geduurd. Maar heel binnenkort zal het resultaat te bewonderen zijn.’

Bron: maguza.be