Een doodgewoon speciaal kind

Nooit eerder zag ik zoveel ouderliefde bijeen, op een kleine plek en in erg moeilijke omstandigheden. Gefascineerd stonden we te kijken naar een hyperklein mensje op de afdeling neonatologie. Niet op de kamer van mama en baby met een glas bubbels in de hand, toastend op een mooie toekomst. Neen, alleen door en achter een glazen wand mochten we de kleine Juul bewonderen. Geboren na 28 weken zwangerschap, nauwelijks meer dan een kilogram mens. In een hyperuitgeruste couveuse uiteraard, met een sonde door zijn neus om hem te voeden. En met een brilletje op om zijn ogen te beschermen tegen de lampen in de couveuse. Een brilletje groot genoeg om zijn volledige gezichtje te bedekken.
Juul deed het al bij al uitstekend, zijn kansen waren goed, zei de dokter. Als er tenminste geen complicaties optraden, want een vroeggeborenen zijn blijkbaar vatbaar voor hersenbloeding. Er stonden acht couveuses en enkel de ouders werden in de verzorgruimte toegelaten. Late twintigers en jonge dertigers, mannen met grote sterke handen, onwennig en een beetje bang om hun kleine zoon of dochter te omhelzen. De ouders leefden weken of maanden in een microkosmos die alleen om hun prematuurtjes draaide. Noodgedwongen deelden ze veel met elkaar. Eén ouderpaar moest afscheid nemen van zijn baby en liet de grootouders toch nog eventjes kennismaken. Want ze hadden daar nog niet de kans toe gekregen. Kennismaken en afscheid nemen in één gebaar. Twee oma’s en twee opa’s zagen we nog even de beentjes strelen van dat piepkleine kindje dat ging sterven. Hartverscheurend. Evengoed waren er ouders die die dag hun baby mee naar huis konden nemen, na misschien wel maanden van ongerust afwachten. De baby sterk genoeg om in het meest luxueuze zitje de stap naar huis te zetten. De manier waarop op die afdeling baby’s werden gekoesterd en vertroeteld vergeet ik nooit. Wellicht omdat het zo weinig vanzelfsprekend was. De kleine Juul met het brilletje in de couveuse is nu een stevige kerel van zes. Hij leert lezen en schrijven zoals elke zesjarige en doet dat echt goed. Hij heeft geen letsels van zijn vroeggeboorte, hij is een doodgewoon leuk en speels kind. En toch, precies omdat we zijn moeilijke start hebben meegemaakt, blijft hij speciaal. Een doodgewoon speciaal kind, dat durfden we zes jaar geleden zelfs niet te dromen.
 

Bron: maguza.be