De technologische samenzwering

De eerste technologische revolutie in de moderne biologie dateert van vijftig jaar geleden toen de structuur van DNA voor het eerst werd beschreven. Daaruit ontstond de biotechnologie. Tien jaar geleden legde de ontrafeling van het menselijke genoom de basis voor de ontdekking van de oorsprong van ziekten. Nu ontstaat een derde innovatiegolf: het samengaan van ingenieurswetenschappen en biologie.

Wetenschap en technologie gaan het verstand van de burger misschien te boven, maar het zijn wel de drijvende krachten achter de toegenomen medische successen. Hooggespecialiseerde professionals worden steeds belangrijker om technologie te ontwikkelen, toe te passen en te onderhouden. De overheid vindt intussen dat gezondheidszorg voor iedereen altijd en overal toegankelijk moet zijn. Dat houdt een onbeperkte zorgvraag in, maar dat is onmogelijk.

Irreëel verwachtingspatroon

De medische wereld creëerde zelf een cultuur die medische successen onderstreept en ook haalbaar acht. De utopie van de totale gezondheid is in het leven geroepen met een irreëel verwachtingspatroon van de burger over artsen die iedereen een goed en lang leven kunnen garanderen. Men verwacht dan ook van artsen dat ze dat realiseren, ongeacht de kosten. Grenzen aan het medisch handelen worden steeds minder geaccepteerd. Intussen wijzen diezelfde burgers hun eigen verantwoordelijkheden af. Het is de tabaksindustrie die verantwoordelijk is voor longkanker, niet de roker zelf. Het is de arts die moet zorgen voor de nieuwste en duurste technologie, waar de eisende patiënt gratis recht op zou moeten hebben. De mutualiteiten steunen hun leden hierin onvoorwaardelijk: recht op futuristische technieken met als doel het eeuwige leven, maar aan de prijs van middeleeuwse kwakzalverij. Ook dat is onmogelijk.

Afspraken maken

Ziekenhuisfederaties en artsensyndicaten vinden elkaar ondertussen in het gemeenschappelijke geloof dat alles, ook het allerduurste en allernieuwste, overal moet kunnen. En dat dat moet kunnen worden betaald per prestatie. Ze worden daarin gesteund door de veeleisende patiënt, maar maatschappelijk is dat nefast. De enige oplossing is een betere verstandhouding tussen de innovatieve ziekenhuizen met artsen
die niet per prestatie worden betaald enerzijds en mutualiteiten en overheid anderzijds. Samen kunnen zij als objectieve partners afspraken maken over welke technologie onder welke voorwaarden wordt ingezet voor het genezingsproces van patiënten die
het nodig hebben.

Johnny Van der Straeten, gedelegeerd bestuurder

Bron: maguza.be