Wat doe je wanneer je oog in oog staat met een exhibitionist

29 maa 2019

“Sla hem in zijn kruis.” Het is een van de meest gehoorde antwoorden op de vraag wat te doen wanneer je wordt lastiggevallen op straat. Een 24-jarige studente uit Leuven die het in november vorig jaar meemaakte en daar deze week over getuigde in het VTM-opsporingsprogramma ‘Faroek Live’, reageerde iets koelbloediger: ze nam haar smartphone en begon te filmen.


“Heel onverstandig”, vindt professor Kris Goethals (UAntwerpen). Hij is ook forensisch psychiater en directeur van het Universitair Forensisch Centrum (UFC) in Antwerpen dat daders van seksueel misbruik behandelt. Nochtans kon de jongedame de man, die eerst stond te masturberen en haar nadien volgde, heel gedetailleerd beschrijven bij de politie. “Laat dat filmen toch maar aan anderen over. Je weet nooit wie je voor je krijgt”, motiveert Goethals. 

“De belager in dit verhaal (hij gaf de studente ook een vuistslag; red.) is het type exhibitionist dat niet vaak voortkomt. Hij is agressief en impulsief. De meesten zijn timide en geremd. Ze schamen zich voor de feiten die ze hebben gepleegd. Dat laatste type is hoe we een exhibitionist het vaakst in de media zien: de man die zijn genitaliën toont aan de schoolpoort of in een bos bijvoorbeeld, maar daarna gewoon gaat lopen.”

Filmen is dus niet oké, evenmin als fysiek geweld gebruiken. Wat doe je dan wel? “Er wordt soms gezegd dat je hem of haar in de ogen moet kijken en uitlachen”, vervolgt Goethals. “Maar ook dat lost weinig op. Zij kicken net op die aandacht. Ook praten of roepen lijkt me niet slim. Reageer verstandig, zonder emoties, negeer die persoon en stap kordaat weg.” Goethals raadt slachtoffers wel aan om steeds aangifte te doen bij de politie. 

Reageer verstandig, zonder emoties, negeer die persoon en stap kordaat weg

Kris Goethals van het Universitair Forensisch Centrum (UFC)

En da’s ook voor de dader belangrijk, zo melden ze bij het Brusselse centrum I.T.E.R, dat gespecialiseerde behandeling van seksueel grensoverschrijdend gedrag biedt. “Exhibitionisme blijft vaker onder de radar dan verkrachting. De daders worden niet snel gepakt en dus ook niet snel doorverwezen voor behandeling”, zegt psychologe Kim Gykiere. “De drempel om naar een therapeut te stappen ligt voor een exhibitionist doorgaans erg hoog. Er wordt soms meewarig over gedaan, maar therapie is in veel gevallen nodig. Heel wat exhibitionisten dragen een lange geschiedenis mee, ze zijn naast pleger heel vaak zelf slachtoffer.”

Verkrachter

Ondanks die cocktail aan problemen - er zijn er ook met een alcoholprobleem, stemming- of angststoornis - gaan daders weinig zelf over tot escalatie. “Alleen een kleine groep doet dat. Het gaat om 4% bij de mannen en 2% bij de vrouwen”, verduidelijkt professor Goethals. “Heel weinig exhibitionisten worden dus later een verkrachter of kindermisbruiker.” 

Misverstand

Wel hervallen veel potloodventers in hun gedrag. Specifieke cijfers daarover zijn er niet - er is voorlopig weinig onderzoek gedaan naar exhibitionisme -, maar volgens studies zou het hervalcijfer hoger liggen dan bij verkrachting of pedofilie. “Gelukkig zijn veel daders vandaag de dag wel geholpen met moderne antidepressiva”, meldt professor Goethals.

Er is nog één misverstand dat de wereld uit moet: de potloodventer is geen oude man die altijd in lange jas opduikt en die te pas en te onpas openzwaait. “Dé exhibitionist bestaat niet. Ze zijn jong, oud, hoogopgeleid of hebben net intellectuele problemen”, zegt psychologe Kim Gykiere nog. Professor Kris Goethals voegt toe: “Heel vaak zijn ze gelukkig getrouwd. De meesten stellen hun eerste daad wanneer ze tussen 20 à 25 jaar oud zijn.”

 

 

Bron: hln