Complexe chirurgie bij slokdarm- en pancreaskanker

18 dec 2018

Ziekenhuizen die nog complexe slokdarm- of pancreaschirurgie willen uitvoeren, moeten daar een minimum aantal operaties per jaar voor uitvoeren. Die maatregel wordt door minister van Volksgezondheid Maggie De Block ingevoerd. Het UZA voldoet aan de vooropgestelde criteria en is tevreden met de maatregel die de toewijzing van erkenningen baseert op de opgebouwde ervaring van teams.

Vanaf 1 juli 2019 zullen enkel ziekenhuizen die minimum 20 ingrepen per behandeling per jaar halen nog slokdarm- of pancreaschirurgie mogen aanbieden. Op die manier worden patiënten behandeld door een zorgteam met voldoende ervaring.

Diensthoofd oncologie van het UZA en voorzitter van het college voor oncologie prof. Marc Peeters is tevreden met de maatregel, die in de toekomst de kwaliteitsgarantie veilig kan stellen. “We weten al langer dat de mortaliteit na een ingreep gelinkt is aan het aantal ingrepen dat in een centrum wordt gedaan. Dit blijkt nu ook weer uit de cijfers van de Stichting Kankerregister. Daarom is het aantal ingrepen één van de criteria die we gebruiken om de kwaliteit van een centrum te bepalen. In de toekomst zullen ook andere criteria gehanteerd worden om kwaliteit in kaart te brengen. Complexe chirurgie zoals bij slokdarm- of pancreaskanker vraagt om een sterke multidisciplinaire aanpak. De expertise van het multidisciplinaire team garandeert de kwaliteit van de ingreep en de overleving van de patiënt.”

Het UZA voert jaarlijks meer dan 20 slokdarmingrepen uit en haalt reeds tien jaar de vooropgestelde criteria voor pancreaschirurgie, met in 2018 meer dan 40 ingrepen. Naast continue verbetering, investeert het UZA ook aanhoudend in wetenschappelijk onderbouwde innovatie binnen het domein van de complexe oncologische zorg met behulp van objectieve uitkomstparameters. 

Het UZA ervaart het als een belangrijke stap dat de overheid de uitgebouwde competentie van bestaande teams als parameter meeneemt in toewijzing van erkenningen voor complexe chirurgie. Het onderschrijft de belangrijke evolutie van het uitbouwen van een ecosysteem met zorgverleners die de oncologische patiënt opvolgen en ondersteunen tijdens zijn of haar volledige traject. Een ketenzorg waarbij zowel gespecialiseerde centra als zorgverleners dichtbij de patiënt en zijn naasten, een belangrijke rol innemen. In dergelijk ecosysteem zal de patiënt beter actief kunnen participeren in zijn of haar zorgproces, wat enkel een gunstige invloed kan hebben op het ziekteverloop.  

 

Bron: UZA