Longkanker en COPD

Leeftijd

Longkanker en COPD komen het vaakst voor bij mensen tussen vijftig en zeventig. Al zijn er evengoed dertigers met een longtumor en veertigers met een ernstige vorm van COPD.

Longkanker

Betere behandelingsmogelijkheden

Longkanker blijft van alle kankers de meest dodelijke. Maar vijftien procent van de patiŽnten geneest definitief.
'Toch is er ook goed nieuws', weet prof. dr. Paul Germonprť van de dienst longziekten. 'In vergelijking met vroeger zijn er veel meer en betere behandelingsmogelijkheden. Jarenlang bleef een therapie meestal beperkt tot een operatie en eventueel bestraling, vandaag wordt een behandeling op maat uitgestippeld. Bijvoorbeeld heelkunde en chemotherapie, of chemo- en radiotherapie. Zelfs patiŽnten met uitzaaiingen kunnen soms nog jaren leven.'

Diagnosestelling

Hoe vroeger de longtumor wordt ontdekt, hoe beter de vooruitzichten. Helaas komen de meeste longkankers pas laat aan het licht.
Germonprť: 'Er zou een alarmbelletje moeten klinken als de gebruikelijke rokersklachten erger worden: een veranderd hoestpatroon, toegenomen kortademigheid, bloed ophoesten, meer vermoeidheid, gewichtsverlies...' Is het verdict longkanker gevallen, dan is de PET-CT-scanner - een combinatie van een PET- en CT-scan - een krachtig instrument voor het stellen van een nauwkeurige diagnose. Het UZA haalde het toestel als eerste ziekenhuis in de Antwerpse regio in huis.
'Een operatie is alleen nuttig als er geen uitzaaiingen zijn. Met de PET-CT-scanner kunnen we een uiterst precies beeld krijgen van het longgezwel en eventuele uitzaaiingen. Zo kunnen we soms zinloze ingrepen vermijden', verduidelijkt Germonprť.

Lees verder:

UZA investeert in snelle diagnose van kanker

COPD

Wat?

Een andere ziekte die voornamelijk rokers treft, is COPD. COPD of Chronic Obstructive Pulmonary Disease, in het Nederlands chronisch obstructief longlijden, is een verzamelnaam van verschillende longziektes. Typische symptomen zijn kortademigheid, hoesten, een piepende ademhaling en slijmvorming.
'Een veelvoorkomende vorm van COPD is emfyseem, een ziekte waarbij de longblaasjes vernietigd worden. Bij andere patiŽnten worden de kleine luchtwegen aangetast. Ook een combinatie is mogelijk', legt Germonprť uit. COPD is grotendeels onomkeerbaar en ongeneeslijk. Als de patiŽnten blijven roken, gaan ze met de jaren alsmaar moeilijker ademen.
Germonprť: 'Doordat inspanningen alsmaar moeilijker worden, raken velen sociaal geÔsoleerd. In extreme gevallen worden mensen rolstoelgebonden of raken ze bij wijze van spreken niet meer van de sofa tot aan hun koelkast.'

Behandeling

Toch kan de doorsnee COPD-patiŽnt met de juiste behandeling nog veel jaren leven.
Germonprť: 'Als de ziekte niet ver gevorderd is, kunnen we medicatie geven die de longfunctie verbetert. Bij meer ernstige vormen is revalidatie of zuurstoftoediening nodig. Een minderheid van de patiŽnten met emfyseem is er zo slecht aan toe, dat ze in aanmerking komen voor longvolumereductie. Dat is een ingreep waarbij we de ziekste longblaasjes verwijderen. Sinds kort doen we dat ook via een kijkoperatie. We plaatsen dan zogenaamde endobronchiale klepjes op de slechte longblaasjes en geven zo meer plaats aan het gezondere longgedeelte. Die techniek is minder riskant dan een klassieke operatie. In zeldzame gevallen kan ook een longtransplantatie overwogen worden.'
Hoe vroeger de patiŽnt zich laat behandelen, hoe langer hij nog relatief gezond kan blijven. Stoppen met roken is uiteraard cruciaal.

Risico op longkanker twintig keer groter bij roker

De cijfers liegen er niet om: 85 tot negentig procent van de longkankerpatiŽnten zijn rokers of ex-rokers. Vandaag rookt nog altijd een kleine dertig procent van de Belgen.
'Een roker maakt twintig keer meer kans op longkanker dan een niet-roker', zegt prof. dr. Paul Germonprť. 'Heeft een direct familielid longkanker gehad en rook je zelf ook, dan is de kans dat je eveneens longkanker krijgt zowat ťťn op twee.'
Hoe langer en hoe meer iemand gerookt heeft, hoe groter de kans op longkanker of COPD. Toch bestaat er niet zoiets als een 'veilig' aantal sigaretten dat je per dag mag roken. Sommige kettingrokers worden stokoud, andere pechvogels hebben aan een paar sigaretten per dag genoeg om een longtumor te ontwikkelen.
Als iemand stopt met roken, neemt het risico op longkanker maar heel langzaam af. Desondanks blijft het op elke leeftijd zinvol de sigaret af te zweren. 'Bij rokers neemt de longfunctie gemiddeld veel sneller af dan bij niet-rokers. Sommige rokers hebben op dat vlak geluk, bij anderen is het verschil heel uitgesproken. Stop je met roken, dan vermindert vanaf dan je longfunctie even geleidelijk als bij een niet-roker. Zo kun je het moment dat het longfunctieverlies een echte handicap wordt, met jaren of - in het geval van jonge mensen - zelfs met tientallen jaren uitstellen.'

Rookstopprogramma

Stoppen met roken: het is gemakkelijker gezegd dan gedaan. UZA-patiŽnten en UZA-personeelsleden die van hun rookverslaving af willen, kunnen advies en informatie krijgen van Karine Colebrants, verpleegkundige op de dienst pneumologie en gespecialiseerd in de materie.
Daarnaast biedt de dienst pneumologie een voor iedereen toegankelijk rookstopprogramma aan. Dit omvat een medische check-up en negen individuele begeleidingsgesprekken. De persoonlijke begeleiding verhoogt de kans op slagen aanzienlijk. Deelnemers betalen 120 euro voor het volledige programma. Meer info via 03-821.46.74.

Bron: maguza.be