'Ik ga niet meer over mijn grenzen'

Ze had voortdurend pijn en kon niet meer stappen: de artrose sloeg hard toe bij Ann Coens (66). Een tijd lang verbeet ze de pijn, tot ze hulp zocht bij de dienst fysische geneeskunde in het UZA. Vandaag is het leed zo goed als geleden.

Ann was altijd een sportieve en actieve dame. Toen ze vorig jaar erge pijn in haar onderrug kreeg, wachtte ze tot het vanzelf overging. Maar dat gebeurde niet. ‘Het was een voortdurende pijn die van mijn onderrug tot helemaal in mijn tenen trok. Het leek wel alsof mijn spieren te kort waren. Op de duur begon ik te manken. Ik sliep ook slecht doordat ik mij nog nauwelijks kon omdraaien in bed, en dus raakte ik heel vermoeid’, vertelt ze.

Ann onderdrukte de pijn een tweetal maanden met pijnstillers. Geen definitieve oplossing, wist ze zelf ook, en dus zocht ze medische hulp. ‘Op de dienst fysische geneeskunde werden scans en foto’s genomen en daaruit bleek dat ik artrose had in de rug. Daardoor was mijn zenuwkanaal vernauwd en dat veroorzaakte de pijn.’

‘Ik strijk nu zittend’

Prof. dr. Gaëtane Stassijns gaf Ann een inspuiting in het getroffen gewricht en schreef kinesitherapie en ergotherapie voor. ‘In het begin keek ik vreemd op van de oefeningen die de kinesitherapeut me liet doen. Zo moest ik op een toestel gaan zitten en telkens licht naar voor buigen met mijn bovenlichaam. Op het scherm voor mij kon ik zien of ik het goed deed. Ik kon me echt niet voorstellen dat zoiets zin had. Liever had ik stevige oefeningen gedaan. Maar na verloop van tijd zag ik in dat die therapie echt hielp.’

Ook het advies van de ergotherapeute was een openbaring. ‘Ze toonde me hoe ik moest gaan zitten, gewichten tillen enzovoort. Ik heb geleerd mijn gewrichten zo min mogelijk te belasten. Zo strijk ik nu zittend en zet ik tijdens het afwassen regelmatig één voet op een klein verhoogje.’

Na een paar maanden therapie is de pijn enorm afgenomen. Ann oefent nog een vijftal keer per week thuis en blijft één keer per week naar het UZA komen voor kinesitherapie. ‘En verder let ik er vooral op om niet over mijn grenzen te gaan. Een slapend kleinkind terug naar zijn bedje dragen? Dat laat ik voortaan aan anderen over.’

Bron: maguza.be