Communicatie verbroken



Veel CVA-patiënten hebben spraak-, taal- of slikproblemen. In het geval van spraakproblemen is de patiënt minder goed verstaanbaar doordat de betrokken spieren niet goed meer functioneren door een uitval in het zenuwstelsel. Patiënten met taalproblemen, ook wel afasie genoemd, hebben het moeilijk met taal begrijpen en/of produceren. ‘Door de combinatie van spontaan herstel en intensieve revalidatie komen de meesten weer tot een zeker niveau van communicatie’, zegt UZA-logopediste Gwen Van Nuffelen. ‘Het succes hangt onder meer af van de grootte en de plaats van het letsel, de leeftijd, de algemene gezondheid en de motivatie van de patiënt.’

Niet meer efficiënt kunnen communiceren is heel frustrerend voor de patiënt én zijn omgeving. Van Nuffelen: ‘Als het enigszins kan, betrekken we de familie bij de behandeling. We leggen uit wat er precies aan de hand is en geven tips om met het probleem om te gaan.’ Ook slikproblemen komen vaak voor, met als groot risico dat er eten in de longen terechtkomt. In samenspraak met de NKO-arts zoekt de logopedist dan in eerste instantie naar compensatiemaatregelen zoals aangepaste voeding of een andere sliktechniek, en eventueel sondevoeding. Indien nodig wordt daarna gestart met slikrevalidatie.

Info: dienst fysische geneeskunde UZA, T 03 821 31 96, Universitair revalidatiecentrum voor communicatiestoornissen, T 03 821 34 04

Bron: maguza.be